Update
Geachte heer/mevrouw,
Bijgaand treft u een nieuwe SR Update aan. Klik hier om de pdf vanaf de website te downloaden.
Rechtspraak
De afgelopen weken is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs:
Bevordering binnen Nederland brengen cocaïne (SR 2015-006)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie het bevorderen van het binnen het grondgebied van Nederland brengen van cocaïne is bewezenverklaard, over de motivering van het bewezenverklaarde opzet. Het hof heeft gedeelten uit de bewijsvoering van de rechtbank overgenomen en met betrekking tot het verweer van de raadsman strekkende tot vrijspraak wegens gebrek aan bewijs van opzet op de (verlengde) invoer van cocaïne overwogen dat het verweer wordt weerlegd door de inhoud van de bewijsmiddelen. Het hof gaat dan ook voorbij aan de lezing van de verdachte, inhoudende dat hij op de bewuste dag na thuiskomst van zijn werk terug is gegaan naar Schiphol, op verzoek van een kennis kort daarvoor, om in de plaats van die kennis geld in ontvangst te nemen van een persoon in het airside-gedeelte van Schiphol. Het is volstrekt onbegrijpelijk waarom de verdachte door het misbruik van zijn Schipholpas zijn baan bij het luchthaven Schiphol zou hebben geriskeerd om voor een kennis een relatief gering bedrag aan contant geld binnen Nederland te brengen zonder aangifte daarvan te doen bij de douane. Ook is niet in te zien waarom de verdachte betrokkene naar de toiletten heeft meegenomen indien hij slechts € 20.000 in ontvangst hoefde te nemen, hetgeen gemakkelijk ongemerkt had kunnen gebeuren in het McDonaldsrestaurant waar de twee elkaar hebben ontmoet. En ten slotte is niet goed te begrijpen dat de verdachte, toen hij door het zien van de tas naar eigen zeggen doorhad dat het niet om geld ging, is doorgegaan met zijn activiteiten. Hij had toen immers eenvoudig kunnen weglopen en verdere medewerking kunnen weigeren. Al met al is het door de verdachte geschetste scenario zo onwaarschijnlijk dat het als ongeloofwaardig moet worden gepasseerd. De Hoge Raad oordeelt dat uit de bewijsvoering het opzet van de verdachte op het bevorderen van de invoer van een hoeveelheid van een materiaal bevatte cocaïne worden afgeleid. De enkele omstandigheid dat de verklaring van de verdachte dat hij op verzoek van een kennis naar het airside-gedeelte van Schiphol was gegaan om aldaar € 20.000 voor die kennis in ontvangst te nemen, door het hof zo onwaarschijnlijk geacht dat daaraan moet worden voorbijgegaan, kan de gevolgtrekking dat de verdachte opzettelijk heeft gehandeld niet dragen.
Enkele constatering vormverzuim – in onvoldoende mate nadeel ondervonden voor toepassing van bewijsuitsluiting (SR-2015-003)
Een machtiging is afgegeven tot binnentreden van de woning van verdachte ter aanhouding. Nadat verdachte niet werd aangetroffen hebben verbalisanten – zonder machtiging van de rechter-commissaris – de woning doorzocht. Tijdens deze doorzoeking is de Blackberry van verdachte in beslag genomen. Na doorzoeking van de woning en de inbeslagneming van de Blackberry heeft verdachte alsnog toestemming verleend tot het doorzoeken van de woning. Het hof oordeelt dat de doorzoeking van de woning van de verdachte leidt tot een onherstelbaar vormverzuim in het voorbereidend onderzoek in de zin van artikel 359a Sv. De enkele constatering van dit vormverzuim acht het hof voldoende. Volgens het hof heeft verdachte in onvoldoende mate nadeel ondervonden als gevolg van de schending van het voorschrift om te spreken over een zodanig ernstig vormverzuim dat moet worden overgegaan tot bewijsuitsluiting. Het belang dat het geschonden voorschrift dient, is de bescherming van de persoonlijke vrijheid. Dit recht staat los van de verklaringsbereidheid van verdachte en de mogelijkheid om zijn eigen procespositie te bepalen. Het hof benadrukt dat reeds het feit dat om toestemming werd gevraagd, erop duidt dat die toestemming ook door verdachte geweigerd had kunnen worden. Verdediging klaagt namens verdachte dat de ernst van het verzuim ten onrechte niet volledig in het oordeel van het hof is betrokken omdat het hof de voor de doorzoeking vereiste verdenking bij de beoordeling van de ernst van het verzuim niet heeft meegewogen. Ook wordt aangevoerd dat het achteraf vragen van toestemming voor een reeds onrechtmatig verrichte doorzoeking zonder dat verzoeker omtrent die onrechtmatigheid is geïnformeerd en op de hoogte is gebracht van de mogelijke gevolgen daarvan, strijdig is met het recht op een fair trial en afbreuk doet aan het vereiste van ‘informed consent’. De Hoge Raad bevestigt de uitspraak van het hof, in aanmerking genomen dat het gevoerde verweer omtrent de ernst van het verzuim en het daardoor veroorzaakte nadeel niet meer inhoudt dan dat sprake is van ‘een ernstige schending van een strafvorderlijke waarborg’. (Vergelijk: HR 19 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY5321, NJ 2013, 308). De A-G concludeert contrair.
Medeplegen van gekwalificeerde diefstallen (SR 2015-004)
Door het Hof Den Haag is verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk wegens drie gekwalificeerde diefstallen. De verdachte zou tezamen en in vereniging met anderen o.a. kluizen, kentekenbewijzen, slijpmachines, een bankpas, diskettes en geld hebben weggenomen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening. De verdediging stelt zich op het standpunt dat uit de bewijsvoering van het hof niet zonder meer kan worden afgeleid dat sprake is van medeplegen, omdat uit die bewijsvoering – o.a. het slechts voorhanden hebben van door een vermogensdelict ontvreemde goederen – niet kan worden afgeleid dat verdachte enige uitvoeringshandelingen zou hebben verricht. Contrair aan de conclusie van de A-G wordt het beroep van de verdediging door de Hoge Raad verworpen.
Vooropgesteld wordt dat aan het enkele voorhanden hebben van door een vermogensdelict ontvreemde goederen inderdaad niet zonder meer de conclusie kan worden verbonden dat de betrokkene die goederen ook door het plegen van dat delict heeft verkregen. Voor de beoordeling van de betekenis die aan dat voorhanden hebben moet worden gehecht, zijn de feiten en omstandigheden van het geval van belang (herhaalde overweging uit HR 19 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK2880, NJ 2010/475). Het hof heeft hier kunnen oordelen dat de verdachte en een met name genoemde medeverdachte als daders betrokken zijn geweest bij inbraken, in welk oordeel besloten ligt dat de verdachte met zijn mededaders de inbraken gezamenlijk heeft uitgevoerd.
Het uit feiten en omstandigheden (zoals de vaststellingen dat kleding van de verdachte en een gestolen bankpas in een kelderbox zijn aangetroffen, dat die kleding is besmeurd met metaalslijpsel, dat de ten laste gelegde diefstal bij het winkelbedrijf Hornbach blijkens camerabeelden door drie personen is begaan en dat de verbalisanten in de parkeergarage bij de kelderbox drie mannen hebben gezien en na binnentreding een slijplucht hebben waargenomen) volgende oordeel van het hof dat de verdachte zo nauw en bewust met anderen heeft samengewerkt dat sprake is van het in vereniging plegen van de bewezenverklaarde inbraken, is, gelet op die gezamenlijke uitvoering en op hetgeen het hof voor het overige heeft vastgesteld over de bijdrage van de verdachte voorafgaand en direct na de bewezenverklaarde feiten, niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd (vgl: HR 2 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:2474).
SR Updates Talk | Weinig tijd maar toch up to date blijven?
Graag wijs ik u op de SR-Talk sessie van donderdag 5 maart 2015, waarin de actuele jurisprudentie wordt besproken. De link is te vinden op deze site.
Volg de online jurisprudentiebespreking Strafrecht, inclusief PO-punten.
Elke 6 tot 8 weken de meest actuele rechtspraak (incl. de Hoge Raad van de dinsdag ervoor) in één uur tijd besproken door prof. Paul Mevis, mr. Joost Verbaan of mr. dr. Joost Nan.
Eerstvolgende sessie 5 maart 2015: 16 – 18 uur
Kosten: € 138 excl. btw per sessie (2 PO-punt)
Nieuw rechtsgebied? Tijdelijke break?
Volg dan on demand de opnames van SR Updates Talk van medio 2013 tot heden.
Meer informatie en inschrijven: SR Updates Talk Live en On Demand
Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar
Veel leesplezier.
Met vriendelijke groet,
J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates
Hoge Raad
- Hoge Raad Geen sprake van voorwetenschap als bedoeld in artikel 46 (oud) lid 4 Wte 1995. 13-01-2015
- Hoge Raad Niet-ontvankelijkheid verdachte, nu geen schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend. 06-01-2015
- Hoge Raad Nauwe en bewuste samenwerking voldoende gemotiveerd door hof. 06-01-2015
- Hoge Raad Nietigheid onderzoek ter terechtzitting en gedane uitspraak na niet opmaken van proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep. 06-01-2015
- Hoge Raad Geen bewijsuitsluiting ondanks onrechtmatige doorzoeking. 06-01-2015
- Hoge Raad Niet-ontvankelijkheid verdachte, nu geen schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend. 06-01-2015
- Hoge Raad Klager niet-ontvankelijk, nu het beslag reeds is beëindigd. 06-01-2015
- Hoge Raad OM wegens verjaring alsnog niet-ontvankelijk verklaard in vervolging. 06-01-2015
- Hoge Raad Slagende bewijsklacht opzet op het bevorderen van de invoer van een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne. 06-01-2015
- Hoge Raad Slagende bewijsklacht opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. 06-01-2015