Naar boven ↑

Update

Nummer 13, 2024
Uitspraken van 13-04-2024 tot 19-04-2024
Redactie: prof. mr. J.S. Nan en mr. C.L. van der Vis.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u een nieuwe SR Updates aan.

Rechtspraak
Graag wijzen wij u op de volgende zaken die onlangs zijn verschenen:

Is de uitlating van de verdachte onmiskenbaar gericht op een ‘bepaalde groep mensen’ en heeft deze uitlating de strekking die groep mensen te beledigen wegens hun ras? (wenk SR 2024-0074)
Het eerste cassatiemiddel richt zich tegen de bewezenverklaring van het ten laste gelegde. Daartoe wordt in de kern opgekomen tegen het oordeel van het hof dat de uitlating van de verdachte onmiskenbaar is gericht op een bepaalde groep mensen en de strekking heeft die groep mensen te beledigen wegens hun ras. Het tweede cassatiemiddel komt op tegen de verwerping door het hof van het beroep van de verdachte op het onder meer in artikel 10 EVRM gegarandeerde recht op vrijheid van meningsuiting. De cassatiemiddelen lenen zich voor gezamenlijke bespreking.
Lees hier verder. 

Beoordelingscriteria herzieningsaanvraag (wenk SR 2024-0079)
Als grondslag voor een herziening kan, voor zover hier van belang, volgens artikel 457 lid 1 aanhef en onder c Sv alleen dienen een met stukken onderbouwd gegeven dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was en dat het ernstige vermoeden wekt dat, als dit gegeven bekend zou zijn geweest, het onderzoek van de zaak zou hebben geleid hetzij tot een vrijspraak van de gewezen verdachte, hetzij tot een ontslag van alle rechtsvervolging, hetzij tot de niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot de toepassing van een minder zware strafbepaling.
Lees hier verder.

Kon de rechtbank oordelen dat er geen redenen zijn om aan te nemen dat de uitvoering van het EOB niet verenigbaar zou zijn met de verplichtingen die op Nederland als uitvoerende staat rusten? (wenk SR 2024-0078)
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van de rechtbank dat er geen redenen zijn om aan te nemen dat de uitvoering van het Europees onderzoeksbevel (EOB) niet verenigbaar zou zijn met de verplichtingen die overeenkomstig artikel 6 VEU en het Handvest op Nederland als uitvoerende staat rusten, meer specifiek met het eigendomsrecht van de klager.
Lees hier verder.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar info@boomjuridisch.nl.

Veel leesplezier.

Met vriendelijke groet,
Redactie SR Updates

Hoge Raad