Naar boven ↑

Update

Nummer 14, 2019
Uitspraken van 13-04-2019 tot 19-04-2019
Redactie: prof. mr. J.S. Nan en mr. C.L. van der Vis.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u de weer een nieuwe SR Update aan. Klik hier om de pdf vanaf de website te downloaden.

Rechtspraak
De afgelopen weken is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs:

Zaak Heringa (SR 2019-0100)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie opzettelijk een ander bij zelfdoding behulpzaam zijn en hem de middelen daartoe verschaffen, terwijl de zelfdoding volgt is bewezen verklaard, over de verwerping van het beroep op overmacht in de zin van noodtoestand en over de verwerping van het verweer dat artikel 294 lid 2 Sr buiten toepassing moet blijven omdat de toepassing daarvan in de onderhavige zaak in strijd is met artikel 8 EVRM. Laatstgenoemde klacht klaagt in de kern dat de verdachte zich als naaste van zijn (stief)moeder kan beroepen op eerbiediging van zijn privéleven als bedoeld in artikel 8 lid 1 EVRM en dat zijn bestraffing een ontoelaatbare inbreuk op dit recht inhoudt.
Lees hier verder.

Annotaties
‘1. Rechterlijke vonnissen, het product van rechters als ambachtslieden en niet van hun organisatie, zijn doorgaans ‘saai’ in de zin dat door de veelvuldigheid ervan de ambachtelijke kwaliteit van het afzonderlijk vonnis (‘product’ volgens sommigen) nog weleens uit het oog wordt verloren. Dat is jammer, want die ambachtelijke kwaliteit is ook in de toekomst de aandacht van de belastingbetaler meer dan waard. Ook die van de rechterlijke macht als organisatie zelf overigens. Andere rechterlijke vonnissen zijn meer avontuurlijk; er worden nieuwe wegen ingeslagen of beproefd, maatschappelijke of juridische kwesties aangepakt, bijgesteld of verder gebracht, nieuwe wetgeving op z’n plaats gezet en wat die meer zij. Een voorwaarde voor kwaliteit van dat laatste is dat de avontuurlijke rechter tot een 18-karaats zuivere toepassing van het geldende recht in staat is, anders ontstaan er ongewild verkeerde gevolgen…’, zo begint de recent geplaatste annotatie van P.A.M. Mevis bij ECLI:NL:GHDHA:2018:2527 en ECLI:NL:GHSHE:2019:203, SR 2019-0098, waar ik u graag op attendeer.

‘In deze uitspraak van 28 februari 2019 heeft de Rechtbank Noord-Holland bepaald dat het opsporingsambtenaren was toegestaan de duim van een verdachte ter ontgrendeling op diens iPhone te plaatsen. De verdachte wilde de toegangscode namelijk niet geven, ook niet nadat werd aangegeven dat hij anders zou worden geboeid en zijn vingerafdruk zou worden gebruikt, desnoods met gepast geweld. Aldus geschiedde, zij het dat geen geweld is toegepast. Op die wijze werden relevante gegevens verkregen voor een onderzoek naar diverse vermogensdelicten (zoals phishing en oplichting) en deelname aan een criminele organisatie. De rechtbank overwoog dat, anders dan door de verdediging betoogd, deze handelwijze niet in strijd was met het nemo tenetur-beginsel…’, zo begint de recent geplaatste annotatie van J.S. Nan bij ECLI:NL:RBNHO:2019:1568, SR 2019-0097, waar ik u graag op attendeer.

Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.

Veel leesplezier.

Met vriendelijke groet,

J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates