Update
Geachte heer/mevrouw,
Rechtspraak
De afgelopen week is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs:
Nuancering regels Grenzen Getuigenbewijs naar aanleiding voortbouwend appel (SR 2014-0363)
De verdediging klaagt namens verdachte, veroordeeld voor poging zware mishandeling, over het feit dat het hof de ten overstaan van politie afgelegde verklaringen voor het bewijs heeft gebezigd. Het hof had ten aanzien van de bewezenverklaring in het bijzonder overwogen dat het slachtoffer op 18 en 19 oktober 2012 tegenover de politie heeft verklaard dat zij door haar ex-vriend, de verdachte, in haar gezicht was geslagen. Zij durfde uit angst voor de gevolgen geen aangifte te doen. Zij heeft haar verklaring later bij de rechter-commissaris gewijzigd. Zij zou zijn uitgegleden en ten val zijn gekomen bij het duwen en trekken om een mobiele telefoon in handen te krijgen. Het hof achtte, mede omdat het contact tussen verdachte en slachtoffer was hersteld bij het afleggen van de latere verklaring bij de rechter-commissaris, haar verklaringen, afgelegd op 18 en 19 oktober 2012, (opgenomen in een proces-verbaal), geloofwaardiger. Haar eerste verklaringen passen bovendien bij het geconstateerde letsel. Het hof achtte op grond van haar eerste verklaring wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een poging heeft gedaan aan haar zwaar lichamelijk letsel toe te brengen om door haar met zijn vuist tegen het gezicht (oogkas) te slaan. De Hoge Raad overweegt dat aan het voortbouwend appel onder meer de gedachte ten grondslag ligt dat, hoewel de behandeling van de zaak in hoger beroep in beginsel als een nieuwe behandeling van de zaak moet worden aangemerkt, de appelrechter nochtans de bevoegdheid wordt geboden de behandeling van de zaak te concentreren op de geschilpunten die door de procesdeelnemers zijn kenbaar gemaakt en dat hij aan onbestreden onderdelen van het vonnis in eerste aanleg in beginsel geen aandacht behoeft te besteden mits hij deze onderdelen niet uit hoofde van zijn eigen verantwoordelijkheid voor de juiste beoordeling van de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv aan de orde wil stellen. Met een 'voortbouwend appel' valt niet goed te verenigen dat de rechter in hoger beroep steeds ambtshalve ter terechtzitting in hoger beroep als getuige moet oproepen de persoon wiens in het opsporingsonderzoek afgelegde belastende verklaring welke tijdens een verhoor door de rechter-commissaris of tijdens de terechtzitting in eerste aanleg is ingetrokken, het enige bewijsmiddel is waaruit de betrokkenheid van de verdachte bij het tenlastegelegde feit rechtstreeks kan volgen. Het ligt bij een voortbouwend appel in de rede dat het aan de procespartijen en de appelrechter wordt overgelaten te beoordelen of een zorgvuldige totstandkoming van het rechterlijk bewijsoordeel eist dat die persoon op de terechtzitting als getuige wordt gehoord. Het hof heeft vastgesteld dat slachtoffer, nadat ze haar verklaring heeft afgelegd bij de politie, door de rechter-commissaris is gehoord en die eerder afgelegde verklaringen heeft gewijzigd en op essentiële punten de verdachte ontlastende, nadere verklaring heeft afgelegd. Hoewel het niet de enige bewijsmiddelen betreft waaruit verdachte betrokkenheid bij het tenlastegelegde feit rechtstreeks kan volgen, moet in onderhavige zaak niettemin met zodanige situatie op één lijn worden gesteld. Verdachte is in hoger beroep verschenen en ook zijn raadsvrouwe was aanwezig. Aldaar is niet door of namens de verdachte verzocht slachtoffer als getuige op te roepen met het oog op het tenlastegelegde, zodat in cassatie ervan moet worden uitgegaan dat een zodanig verzoek niet is gedaan. Evenmin heeft het hof ambtshalve de oproeping van slachtoffer als getuige ter terechtzitting bevolen. Het oordeel van het hof dat de in het opsporingsonderzoek afgelegde verklaringen van slachtoffer voor het bewijs van het tenlastegelegde kunnen worden gebruikt, getuigt – mede in het licht van hetgeen hiervoor is overwogen – niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk.
In het water duwen als mishandeling aanmerken onvoldoende gemotiveerd (SR 2014-0347)
De verdediging klaagt namens verdachte, veroordeeld voor onder andere opzettelijke mishandeling en bedreiging met zware mishandeling, over de motivering van het hof dat slachtoffers pijn hebben ondervonden doordat ze door verdachte in het water zijn geduwd. Het hof had daartoe overwogen dat de Hoge Raad heeft uitgemaakt dat onder 'pijn' als bestanddeel van mishandeling dient te worden verstaan iedere op het lichaam betrokken min of meer hevige onaangename gewaarwording en dat het geen betoog hoeft dat het onverhoeds van de kade duwen in het onderhavige geval een onaangename gewaarwording heeft opgeleverd. De Hoge Raad oordeelt dat uit de door het hof gebezigde bewijsvoering kan worden afgeleid dat verdachte bij betrokkenen zo een onlust veroorzakende gewaarwording heeft veroorzaakt door hen in het water te duwen doch dat dat niet tenlastegelegd is. Dat zij door die gedraging pijn hebben ondervonden kan uit de bewijsvoering van het hof niet worden afgeleid.
Bewezenverklaring op grond van zwijgen verklaring verdachte niet toelaatbaar (SR 2014-0361)
De verdediging klaagt namens verdachte, veroordeeld voor onder andere witwassen, over de bewezenverklaring van het hof van het onder 2 tenlastegelegde witwassen door dat onder meer te doen steunen op de omstandigheid dat de verdachte gebruik heeft gemaakt van zijn zwijgrecht. De bewezenverklaring rust onder meer op een proces-verbaal van een opsporingsambtenaar houdende de vraag hoe verdachte aan een waardevolle Audi A4 TD komt en het antwoord van verdachte dat hij daar geen antwoord op wil geven. Het hof overweegt voorts nog dat, gelet op de hoge waarde van het goed, een verklaring van verdachte over de herkomst van het daarvoor benodigde geld verlangd mag worden. De Hoge Raad oordeelt dat het hof de weigering van de verdachte te verklaren over de in de bewezenverklaring vermelde auto als bewijsmiddel heeft gebezigd. Dat is in strijd met artikel 29, eerste lid, Sv. Dat het hof de juistheid van de nadien door de verdachte afgelegde verklaring niet aannemelijk heeft geacht, leidt niet tot een ander oordeel.
SR Talk Sessie:
Graag wijs ik u op de SR-Talk sessie van donderdag 30 oktober 2014 en donderdag 11 december 2014, waarin de actuele jurisprudentie wordt besproken. De link is te vinden op deze site.
SR Updates Talk | Weinig tijd maar toch up to date blijven?
Volg de online jurisprudentiebespreking Strafrecht, inclusief PO-punten.
Elke 6 tot 8 weken de meest actuele rechtspraak (incl. de Hoge Raad van de dinsdag ervoor) in één uur tijd besproken door prof. Paul Mevis, mr. Joost Verbaan of mr. dr. Joost Nan.
Eerstvolgende sessie 30 oktober: 17 – 18 uur
Kosten: € 69 excl. btw per sessie (1 PO-punt)
Nieuw rechtsgebied? Tijdelijke break?
Volg dan on demand de opnames van SR Updates Talk van medio 2013 tot heden.
Meer informatie en inschrijven: SR Updates Talk Live en On Demand
Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.
Veel leesplezier.
Met vriendelijke groet,
J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates
Hoge Raad
- Hoge Raad Het feit dat de termijn van berechting als bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM in hoger beroep is overschreden, moet leiden tot vermindering van de opgelegde betalingsverplichting. 30-09-2014
- Hoge Raad Het hof is afgeweken van het uitdrukkelijk onderbouwd standpunt, zonder in het bijzonder de redenen op te geven die tot de afwijking hebben geleid. Dit verzuim heeft nietigheid tot gevolg. 23-09-2014
- Hoge Raad De bestreden uitspraak voldoet niet aan het vereiste dat de schatting van het op geld waardeerbare wederrechtelijk verkregen voordeel slechts ontleend kan worden aan wettige bewijsmiddelen. 23-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de teelt zodanig grootschalig en professioneel was dat sprake was van handelen ‘in de uitoefening van een beroep of bedrijf’ geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd. 23-09-2014
- Hoge Raad De verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep, nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen. 23-09-2014
- Hoge Raad De redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM is overschreden omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden. 23-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de verdachte wist dat de poedermengsels bestemd waren om cocaïne en heroïne te versnijden, is toereikend gemotiveerd. 23-09-2014
- Hoge Raad Het kennelijke oordeel van het hof dat het niet anders kan zijn dan dat de geldbedragen van enig misdrijf afkomstig waren, is niet zonder meer begrijpelijk. 23-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de door de getuige in het opsporingsonderzoek afgelegde verklaring voor het bewijs kan worden gebruikt, getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. 23-09-2014
- Hoge Raad Het hof heeft miskend dat voor toepassing van de maatregel wegens ernstig gevaar voor ‘de algemene veiligheid van goederen’ als bedoeld in artikel 37a en 37b Sr meer is vereist dan ernstig gevaar voor het aantasten van het ‘ongestoorde bezit van goederen van willekeurige derden’. 23-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de door de getuige in het opsporingsonderzoek afgelegde verklaring voor het bewijs kan worden gebruikt, getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. 23-09-2014
- Hoge Raad Het feit dat het hof het betoog van de verdachte kennelijk niet heeft opgevat als een wrakingsverzoek, is niet onbegrijpelijk. 16-09-2014
- Hoge Raad Het als bewijs bezigen van een beroep op het zwijgrecht is niet toelaatbaar. 16-09-2014
- Hoge Raad De verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep, nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen. 16-09-2014
- Hoge Raad Ondanks dat de verdachte bekennend heeft verklaard, kon het hof niet volstaan met een opgave van bewijsmiddelen, nu de raadsman van verdachte vrijspraak heeft bepleit. 09-09-2014
- Hoge Raad De door het hof bewezenverklaarde mishandeling is niet naar de eis der wet met redenen omkleed, nu uit de bewijsvoering van het hof niet kan worden afgeleid dat de slachtoffers van de gedragingen van de verdachte pijn hebben ondervonden. 09-09-2014
- Hoge Raad Gelet op het feit dat de bewezenverklaring slechts kan volgen uit de verklaring van één getuige, is de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen omkleed. 09-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de appèldagvaarding rechtsgeldig is, is ontoereikend gemotiveerd, nu nergens uit blijkt dat de dagvaarding naar het buitenlandse adres van verdachte is verstuurd. 09-09-2014
- Hoge Raad Het hof kon uit de feiten en omstandigheden niet zonder meer afleiden dat verdachte zijn opgegeven adres in eerste aanleg niet wenste te handhaven. Nu niet blijkt dat aan dit adres een afschrift van de appèldagvaarding is verzonden, leidt dit verzuim tot nietigheid. 09-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van de rechtbank dat de inbeslaggenomen voorwerpen aan de verdachte zijn gaan toebehoren met het kennelijke doel de uitwinning van die voorwerpen te frustreren en dat de verdachte dat wist of had kunnen weten, is ontoereikend gemotiveerd. 09-09-2014
- Hoge Raad Het is aannemelijk dat de oproeping van de betrokkene om te verschijnen op de terechtzitting in hoger beroep niet in persoon is uitgereikt aan de betrokkene. Dit brengt mee dat deze oproeping niet geldig is betekend. 09-09-2014
- Hoge Raad Het hof heeft juist overwogen dat tegen de beslissing van de rechtbank over de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling geen hoger beroep openstaat. Om die reden is ook geen cassatie mogelijk en wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep. 09-09-2014
- Hoge Raad Nu de klager zijn inbeslaggenomen auto reeds heeft teruggekregen, wordt hij bij gebrek aan belang niet-ontvankelijk verklaard. 09-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de vormverzuimen als een aanzienlijke schending van belangrijke strafvorderlijke voorschriften dienen te worden aangemerkt, is ontoereikend gemotiveerd. 09-09-2014
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat de verdachte wettelijke rente verschuldigd is, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 09-09-2014
- Hoge Raad Het middel klaagt terecht dat de schatting van het op geld waardeerbare wederrechtelijk verkregen voordeel door het hof niet is ontleend aan wettige bewijsmiddelen. 09-09-2014
- Hoge Raad Het hof heeft, ondanks dat het zelf heeft overwogen dat het heeft volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen, in zijn arrest ook de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden vermeld. 09-09-2014