Naar boven ↑

Update

Nummer 27, 2014
Uitspraken van 28-08-2014 tot 04-09-2014
Redactie: prof. mr. J.S. Nan en mr. C.L. van der Vis.

Geachte heer/mevrouw,

Rechtspraak
De afgelopen week is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs:

Geen voorwaardelijk opzet op het aanwezig hebben hennepplanten (SR 2014-0320)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie aanwezig hebben van hennepplanten bewezen is verklaard, dat het hof de bewezenverklaring onvoldoende heeft gemotiveerd. Het hof heeft de bewezenverklaring van het aanwezig hebben van hennepplanten doen steunen op een proces-verbaal van een opsporingsambtenaar inhoudende dat hij in woning hennepplanten heeft aangetroffen en een geschrift van een deskundige aangifte houdende de verklaring dat de planten hennep bevatten en een verklaring van de verdachte inhoudende dat hem een onderkomen is aangeboden waarover hij twijfelde maar het aanbod toch heeft aangenomen. Het hof waardeert tegen de achtergrond van verdachtes eerdere bemoeienis met hennep, en mede gelet op de hiervoor vermelde in redelijkheid niet te negeren aanwijzingen die op hennepkweek duiden (het zwarte zeil, de zilverkleurige buizen en de voorschakelapparatuur, de ventilator en de plantenvoeding in de badkamer), de verklaring van de verdachte (zoals hiervoor op onderdelen weergegeven) aldus dat hij minst genomen wetenschap heeft gehad van de aanwezigheid van hennepplanten in het bestek van een kwekerij. Daaruit leidt het hof af dat verdachte, die als enige in de woning verblijf hield, de in de woning aangetroffen hennepplanten opzettelijk aanwezig heeft gehad. De Hoge Raad oordeelt dat de bewezenverklaring voor zover inhoudende dat verdachte een groot aantal hennepplanten opzettelijk ‘aanwezig heeft gehad’, mede in het licht van hetgeen door de raadsman van de verdachte is aangevoerd en van de omstandigheid dat het hof de juistheid van de stellingen van de verdachte in het midden heeft gelaten, niet zonder meer uit de inhoud van de door het hof gebezigde bewijsvoering kan worden afgeleid.

Slagende klacht over opzet op varkenshouden zonder aanwezige varkensrechten (SR 2014-0323)
De verdediging klaagt namens verdachte, over de motivering door het hof van het bewezenverklaarde houden van varkens zonder op het bedrijf rustende varkensrechten. Het hof oordeelde dat de verdachte door varkens te houden alvorens door het college van beroep voor het bedrijfsleven uitspraak is gedaan in de procedure voor het verkrijgen dan wel toegekend krijgen van varkensrechten bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zij varkens zou houden zonder dat de varkensrechten aanwezig waren. Aldus heeft verdachte opzettelijk meer varkens onderscheidenlijk fokzeugen gehouden dan het op dat bedrijf rustende varkensrecht, verminderd met het grondgebonden deel van het varkensrecht onderscheidenlijk het fokzeugenrecht. De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel van het hof dat verdachte ‘er redelijkerwijs niet op mocht vertrouwen’ dat de pachters alsnog een varkensrecht toegekend zou worden dat aan haar overgedragen kon worden nu de uitkomst van de procedure bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven ‘nog ongewis’ was, onbegrijpelijk is. Het enkele feit dat de verdachte dat vertrouwen niet mocht hebben, sluit niet uit, mede in aanmerking genomen dat de uitkomst van die procedure nog niet vaststond, zij dat vertrouwen wel had.

Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt Caféruzie (SR 2014-0321)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie zware mishandeling bewezen is verklaard, dat het hof in het bijzonder heeft verzuimd redenen op te geven waarom het is afgeweken van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Dat standpunt hield in dat niet verdachte maar betrokkene het slachtoffer met een kapotgeslagen mes tegen het oor en in de hals heeft geslagen. De verdediging heeft zijn argumenten onderbouwd naar voren gebracht. Het hof wijkt van dat standpunt af zonder in het bijzonder redenen op te geven die daartoe hebben geleid. De Hoge Raad oordeelt dat hetgeen de verdediging naar voren heeft gebracht, bezwaarlijk anders kan worden verstaan dan als een standpunt dat duidelijk, door argumenten geschraagd en voorzien van een ondubbelzinnige conclusie, ten overstaan van het hof naar voren is gebracht. Het hof heeft niet voldoende aangegeven waarom van dat standpunt is afgeweken en dat blijkt evenmin in voldoende mate uit de weergegeven bewijsvoering.

SR Talk Sessie:
Graag wijs ik u op de SR-Talk sessie van donderdag 30 oktober 2014 en donderdag 11 december 2014, waarin de actuele jurisprudentie wordt besproken. De link is te vinden op deze site.

SR Updates Talk | Weinig tijd maar toch up to date blijven?
Volg de online jurisprudentiebespreking Strafrecht, inclusief PO-punten.

Elke 6 tot 8 weken de meest actuele rechtspraak (incl. de Hoge Raad van de dinsdag ervoor) in één uur tijd besproken door prof. Paul Mevis, mr. Joost Verbaan of mr. dr. Joost Nan.

Eerstvolgende sessie 4 september: 17 – 18 uur

Kosten: € 69 excl. btw per sessie (1 PO-punt)
Nieuw rechtsgebied? Tijdelijke break?
Volg dan on demand de opnames van SR Updates Talk van medio 2013 tot heden.
Meer informatie en inschrijven: SR Updates Talk Live en On Demand

Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.
Veel leesplezier.

Met vriendelijke groet,

J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates

Hoge Raad