Update
Geachte heer/mevrouw,
Rechtspraak
De afgelopen weken is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs.
Begunstiging van de dader (SR 2014-0264)
De verdediging klaagt namens verdachte over de kwalificatie door het hof van het bewezenverklaarde als medeplegen van poging opzettelijk iemand, verdacht van enig misdrijf, behulpzaam zijn bij het ontkomen aan de nasporing van de ambtenaren van de justitie of politie. Het hof overwoog ten aanzien van de begunstiging dat als poging om behulpzaam te zijn om te ontkomen aan nasporing van de ambtenaren van politie en justitie, het doen van een mededeling die ertoe strekt en ertoe kan leiden dat van een opsporingsonderzoek wordt afgezien, kan worden aangemerkt en stelt vast dat op het moment van het afleggen van de verklaring het onderzoek nog gaande was. Die valse verklaring had ertoe kunnen leiden dat het opsporingsonderzoek belemmerd zou kunnen worden. Gelet daarop achtte het hof het wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte heeft getracht betrokkene behulplzaam te zijn in het ontkomen aan de nasporing van ambtenaren van de justitie of politie, door [betrokkene] te voorzien van een vals alibi. Daaraan doet niet af dat deze betrokkene op het moment dat de verdachte hem een vals alibi verschafte, reeds was aangehouden. Nu opsporingsambtenaren hebben achterhaald dat het door de verdachte aan betrokkene verschafte alibi vals was, is het misdrijf niet voltooid. De Hoge Raad oordeelt, mede gelet op de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 189 Sr dat moet worden aangenomen dat die bepaling ertoe strekt te voorkomen dat politie of justitie worden tegengewerkt bij het opsporen en aanhouden van de dader van een misdrijf, anders dan het hof. Het oordeel van het hof getuigt van een onjuiste opvatting.
Samenweefsel van verdichtsels (SR 2014-0263)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie flessentrekkerij en oplichting is bewezenverklaard, over het onvoldoende motiveren dat sprake is van een samenweefsel van verdichtsels. Het hof heeft de bewezenverklaring doen steunen op de verklaring van een getuige en een afschrift van de bank, in samenhang met de inhoud van de bewijsmiddelen die voor andere tenlastegelegde feiten zijn gebruikt, en overweegt dat voor het antwoord op de vraag of uit de door een verdachte gebezigde leugenachtige mededelingen, kan worden afgeleid dat het slachtoffer door een samenweefsel van verdichtsels werd bewogen tot afgifte van een goed, tot het verlenen van een dienst, tot het ter beschikking stellen van gegevens, tot het aangaan van een schuld of tot het teniet doen van een inschuld als bedoeld in art. 326 Sr, het aankomt op alle omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoren de vertrouwenwekkende aard, het aantal en de indringendheid van de (geheel of gedeeltelijk) onware mededelingen in hun onderlinge samenhang, de mate waarin de in het algemeen in het maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid, degene tot wie de mededelingen zijn gericht, aanleiding had moeten geven de onwaarheid te onderkennen of zich daardoor niet te laten bedriegen, en de persoonlijkheid van het slachtoffer. De Hoge Raad oordeelt dat de bewezenverklaring dat verdachte betrokkene door een samenweefsel van verdichtsels, te weten dat hij bedrieglijk in strijd met de waarheid zich heeft voorgedaan als rechtsmatige eigenaar van een personenauto (Mercedes E280 CDI) en deze personenauto heeft overhandigd, heeft bewogen tot afgifte van geld kan, gelet op de overweging van het hof, niet uit de bewijsvoering worden afgeleid.
Valsheid in geschrifte (SR 2014-0256)
De klacht van de verdediging richt zich op de ontoereikende motivering van de bewezenverklaring, te weten: valsheid in geschrifte voor zover dat het daderschap van de verdachte betreft. Het hof heeft de bewezenverklaring doen steunen op de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd bij de politie, een verklaring van verdachte op de zitting van hoger beroep stellende dat hij blijft bij zijn eerder afgelegde verklaring bij de politie, schriftelijke bescheiden en een aangifte van slachtoffer ‘Versatel’. Het hof heeft blijkens de inhoud van de bewijsmiddelen vastgesteld dat aan het versturen van emailberichten met als afzender '…@talp.tv' onderscheidenlijk '…2@versatel.com' met de onjuiste inhoud – samengevat – dat Versatel Telecom International N.V. gesprekken voert met Deutsche Telekom AG over mogelijke vormen van strategische samenwerking, waaronder een openbaar bod, het volgende is voorafgegaan. De verdachte en medeverdachte hebben, samen achter de pc van laatstgenoemde gezeten, een publicatie van Belgacom en Versatel aangepast waarbij zij Belgacom hebben veranderd in Deutsche Telecom. De aangepaste tekst hebben zij uitgeprint. Vervolgens zijn de verdachte en medeverdachte naar een hostel gegaan en hebben zij samen plaatsgenomen achter de in het hostel aanwezige pc met internetverbinding. Aldaar heeft de verdachte de tekst van het bericht voorgelezen en heeft medeverdachte de tekst ingetypt. De Hoge Raad oordeelt dat verdachte, gelet op de omschreven gedragingen, kan worden aangemerkt als iemand die persberichten heeft ‘opgemaakt’ en daarmee het tenlastegelegde feit heeft gepleegd.
SR Talk Sessie
Graag wijs ik u op de SR-Talk sessie van donderdag 3 juli 2014, waarin de actuele jurisprudentie wordt besproken. Klik hier voor meer informatie.
Weinig tijd maar toch up to date blijven?
Volg de online jurisprudentiebespreking Strafrecht, inclusief PO-punten. In één uur tijd en op hoog niveau wordt u door prof. Paul Mevis, dr. Joost Nan of mr. Joost Verbaan bijgepraat over de laatste ontwikkelingen binnen het strafrecht. U kunt daarbij denken aan jurisprudentie, wetsvoorstellen of belangwekkende tijdschriftartikelen.
Data: 3-7, 4-9, 30-10, 11-12
Tijd: 17:00 tot 18:00 uur
Kosten: € 69 excl. btw per sessie (1 PO-punt)
Meer informatie en inschrijven: www.lawatweb.nl
Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.
Veel leesplezier.
Met vriendelijke groet,
J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates
Hoge Raad
- Hoge Raad Samenweefsel van verdichtsels. De bewezenverklaring, voor zover inhoudende dat verdachte betrokkene door een samenweefsel van verdichtsels heeft bewogen tot afgifte van geld kan niet uit ’s hofs bewijsvoering worden afgeleid. 10-06-2014
- Hoge Raad Begunstiging. Het oordeel van het hof dat verdachte, door bij de politie een valse verklaring af te leggen ten behoeve van betrokkene, heeft getracht ‘behulpzaam te zijn in het ontkomen aan de nasporing van ambtenaren van justitie of politie’ in de zin van artikel 189 lid 1 sub 1 Sr, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. 10-06-2014
- Hoge Raad Zware mishandeling. Het hof heeft ter weerlegging van het noodweerverweer geoordeeld dat uit de stukken, daaronder begrepen de bij verschillende gelegenheden door verdachte afgelegde verklaringen, en het verhandelde ter terechtzitting, geen feiten of omstandigheden naar voren zijn gekomen waaruit kan worden afgeleid dat zich een situatie heeft voorgedaan waarin verdachte redelijkerwijs zich bedreigd kon voelen. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Het verweer met betrekking tot de vordering van de benadeelde partij slaagt wel. Dit verweer kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan dat het ertoe strekt dat de door de benadeelde partij geleden schade reeds is vergoed, zodat de grondslag aan de vordering in zoverre is komen te ontvallen. 10-06-2014
- Hoge Raad Ontucht. In de onderhavige zaak is geen sprake van een schending van artikel 342 lid 2 Sv, omdat niet gezegd kan worden dat de verklaringen van het slachtoffer onvoldoende steun vinden in het overige bewijsmateriaal. 10-06-2014
- Hoge Raad Ontbrekende pleitnota. De pleitnota ontbreekt en daardoor valt niet na te gaan of ter terechtzitting meer verweren zijn gevoerd dan wel of daar uitdrukkelijk onderbouwde standpunten naar voren zijn gebracht. Dit brengt nietigheid van het onderzoek en de gedane uitspraak met zich mee. 10-06-2014
- Hoge Raad Kinderpornografie. Het hof heeft geoordeeld dat de in de tenlastelegging genoemde afbeeldingen van de geslachtsdelen van de minderjarige jongen, mede gelet op de wijze waarop zij zijn tot stand gekomen onmiskenbaar strekken tot het opwekken van seksuele prikkeling. Dat oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is ook niet onbegrijpelijk. 10-06-2014
- Hoge Raad Valsheid in geschrift. Wegens de in de uitspraak omschreven gedragingen, kan de verdachte worden aangemerkt als iemand die de persberichten heeft ‘opgemaakt’ en daarmee het tenlastegelegde feit heeft gepleegd. 10-06-2014
- Hoge Raad Onderzoek aan kleding. Het hof heeft vastgesteld dat de verdachte zich niet alleen heeft moeten ontkleden tot aan zijn onderbroek, maar ook dat de verbalisant vervolgens door met zijn hand in die onderbroek te gaan, daaruit een etui heeft gepakt. Het oordeel van het hof dat dat laatste onderzoek kan worden aangemerkt als onderzoek aan de kleding – en dus niet aan het lichaam – is niet zonder meer begrijpelijk. 10-06-2014
- Hoge Raad Bijstandsfraude. Uit de bewijsmiddelen blijkt niets waaruit volgt dat de verdachte wist dat betrokkene onjuiste gegevens verstrekte en dat zij op grond van die gegevens ten onrechte een uitkering voor een alleenstaande genoot. 10-06-2014