Update
Geachte heer/mevrouw,
Rechtspraak
De afgelopen week is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs.
Strafmotivering gebaseerd op vermoeden recidive onvoldoende ondersteund door Uitreksel Justitiële Documentatie (SR 2013-0375)
Het hof acht – kort samengevat – het opzettelijk telen van hennep en diefstal van stroom bewezen. Het motiveert de hoogte van de straf onder meer op grond van de omstandigheid dat verdachte blijkens het Uitreksel Justitiële Documentatie reeds meerdere malen onherroepelijk is veroordeeld voor overtreding van de Opiumwet en veroordeeld is voor de diefstal van elektriciteit. Het uitreksel biedt blijkens de constatering van de Hoge Raad voor die vaststelling geen steun. Zie ook: SR 2013-0383.
Het stelsel van rechtsmiddelen is een gesloten stelsel. Dit kan slechts onder bijzondere omstandigheden anders zijn (SR 2013-0376)
Het Stadsdeel Noord is niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen een vonnis van 23 november 2009 betreffende een veroordeling van het handelen in strijd met een voorschrift van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon. Het Stadsdeel heeft op 4 december 2009 hoger beroep ingesteld tegen dat vonnis en op 8 december van dat jaar besloten tot intrekking van dat hoger beroep. Op 11 december 2009 is een akte van intrekking gemaakt. Op 10 mei 2010 heeft de gemeente Amsterdam het besluit van het Stadsdeel tot intrekking van het hoger beroep vernietigd. De raadsvrouw stelt zich op het standpunt dat de vernietiging van het besluit terugwerkende kracht heeft, hetgeen meebrengt dat het besluit van 8 december niet genomen wordt geacht. Het hof stelt dat het stelsel van rechtsmiddelen een gesloten stelsel is en rechtsmiddelen tot uiterlijk de behandeling van het hoger beroep kunnen worden ingetrokken. Intrekking betekent afstand van hoger beroep en afstand van het opnieuw instellen van hoger beroep. De Hoge Raad geeft aan dat slechts uitzonderlijke omstandigheden aanleiding kunnen geven tot het oordeel dat de intrekking niet kan gelden als intrekking. Dat de omstandigheid dat het besluit van het Stadsdeel door de Gemeente Amsterdam is vernietigd geen bijzondere omstandigheid oplevert, getuigt niet van een onjuiste opvatting.
Opzet kan niet zonder meer uit bewezenverklaring worden afgeleid (SR 2013-0387)
De overweging van het hof dat, mede gelet op de verklaring van verdachte dat deze vanaf de aan [A: de tankduwbak] gekoppelde [B: de duwboot] toezicht hield op de belading met benzine, verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat het gasterugvoersysteem niet gesloten was, is niet naar de eis der wet met redenen omkleed. Het opzet op het handelen van verdachte kan niet worden afgeleid uit zijn verklaring dat hij toezicht hield en het proces-verbaal van de verbalisanten dat zij, – kort gezegd – benzine roken bij het schip dat aan de wal lag en zagen dat het gas niet werd teruggeleid.
Profijtontneming: Schatting van het op geld waardeerbaar voordeel kan slechts uit bewijsmiddelen worden ontleend (SR 2013-0377)
Het hof heeft een vonnis van de rechtbank bevestigd en de betrokkene een verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 21.225,75. De verdediging klaagt dat de uitspraak niet de inhoud bevat waaraan de schatting van het wederrechtelijke voordeel is ontleend. De Hoge Raad stelt voorop dat de schatting van het op geld waardeerbaar voordeel slechts kan worden ontleend aan de wettige bewijsmiddelen. Dat betekent dat de uitspraak de bewijsmiddelen moet vermelden waaraan de schatting is ontleend met weergave van de inhoud daarvan, voor zover het voor die schatting redengevende feiten en omstandigheden bevat. De uitspraak bevat geen toereikende vermelding van de bewijsmiddelen waaraan die schatting is ontleend en is in zoverre onvoldoende gemotiveerd.
SR Talk
Graag wijs ik u op de SR Talk-sessie van 31 oktober 2013, waarin de actuele jurisprudentie wordt besproken. Klik hier voor meer informatie.
Weinig tijd maar toch up to date blijven?
Volg de online jurisprudentiebespreking Strafrecht, inclusief PO-punten. In één uur tijd en op hoog niveau wordt u door prof. Hans de Doelder of mr. Joost Verbaan bijgepraat over de laatste ontwikkelingen binnen het strafrecht. U kunt daarbij denken aan jurisprudentie, wetsvoorstellen of belangwekkende tijdschriftartikelen.
Data: 31 oktober en 12 december 2013
Tijd: 17:00 tot 18:00 uur
Kosten: € 69 excl. btw per sessie (1 PO-punt)
Meer informatie en inschrijven: www.lawatweb.nl
Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.
Veel leesplezier.
Met vriendelijke groet,
J.H. J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates
Hoge Raad
- Hoge Raad Naar aanleiding van de klacht dat het proces-verbaal ter terechtzitting in hoger beroep in strijd met artikel 327 Sv niet door de voorzitter is ondertekend heeft de A-G bij de Hoge Raad zich tot de voorzitter van het hof gewend, hetgeen heeft geleid tot de toezending van een door de voorzitter ondertekend proces-verbaal. Conclusie A-G: anders. 08-10-2013
- Hoge Raad De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat een verdachte zich niet schuldig kan maken aan het onttrekken van minderjarigen aan het gezag en het opzicht van een ander als bedoeld in artikel 279 Sr indien de bij een rechterlijke beslissing vastgestelde (voorlopige) omgangsregeling waaraan de verdachte zich niet heeft gehouden niet aan de verdachte is betekend is onjuist, zodat het middel faalt. 08-10-2013
- Hoge Raad Geen middelen ingediend. Betrokkene niet-ontvankelijk. 08-10-2013
- Hoge Raad Met zijn op zijn vaststellingen gebaseerde oordeel ‘dat de verdachte handelingen heeft verricht die erop waren gericht om zijn criminele opbrengst veilig te stellen’ heeft het hof tot uitdrukking gebracht dat verdachte, in de periode waarin door hem geldbedragen van zijn bankrekening werden opgenomen en nadien, die bedragen niet slechts voorhanden heeft gehad, maar dat zijn gedragingen ook (kennelijk) waren gericht op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van die bedragen. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd. 08-10-2013
- Hoge Raad De vaststelling dat de verdachte ‘reeds meerdere malen ter zake van overtredingen van de Opiumwet onherroepelijk is veroordeeld en eveneens is veroordeeld voor diefstal van elektriciteit’, waarmee tot uitdrukking is gebracht dat die veroordelingen ten tijde van het tenlastegelegde onherroepelijk waren, is niet zonder meer begrijpelijk aangezien het uittreksel uit de Justitiële Documentatie daarvoor geen steun biedt. De strafoplegging is daarom ontoereikend gemotiveerd. 08-10-2013
- Hoge Raad De in het middel vervatte opvatting dat de bewezenverklaarde ‘feitelijkheden’, te weten de arm op de rug van het slachtoffer leggen en onverhoeds haar borsten aanraken, niet tevens dezelfde handelingen kunnen betreffen als de bewezenverklaarde ‘ontuchtige handelingen’ voor zo ver bestaande uit het met de hand aanraken van de borsten en de rug van het slachtoffer, is niet juist. 08-10-2013
- Hoge Raad Ingevolge artikel 453 lid 1 Sv brengt intrekking van het hoger beroep mee afstand van de bevoegdheid dit rechtsmiddel opnieuw aan te wenden. Dit heeft tot gevolg dat het desbetreffende vonnis onherroepelijk wordt en niet meer kan worden aangetast. Dit is slechts anders indien bijzondere omstandigheden aanleiding geven tot het oordeel dat de intrekking van het hoger beroep – en de daarmee gedane afstand – niet kan gelden als intrekking van het hoger beroep in de zin van de artikelen 453-455 Sv . ’s Hofs oordeel dat de vernietiging door de gemeente Amsterdam op 10 mei 2010 van het besluit van het stadsdeel van 8 december 2009 tot intrekking van het hoger beroep niet zo’n bijzondere omstandigheid oplevert, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd. 08-10-2013
- Hoge Raad De bewezenverklaring steunt op de bewijsmiddelen zoals weergegeven in de conclusie van de advocaat-generaal onder 4.5. Aangezien de bewezenverklaring, voor zover inhoudende dat de verdachte ‘tezamen en in vereniging met anderen’ [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een auto, niet kan worden afgeleid uit de inhoud van de door het hof gebezigde bewijsvoering, is de bestreden uitspraak niet naar de eis der wet met redenen omkleed. 08-10-2013
- Hoge Raad De Hoge Raad herhaalt ECLI:NL:HR:2001:AD5493 en ECLI:NL:HR:1999:ZC2975. De in het middel bedoelde inbreuk op de individuele rechten van verdachte is niet een gevolg van de (wijziging van de) Meststoffenwet, maar van de voor rekening van verdachte komende omstandigheid dat hij gedurende vele jaren zijn pluimveebedrijf uitoefende zonder kennis te nemen van de inhoud van de op grond van die bedrijfsuitoefening aan hem gerichte brieven van de overheid en zonder de met die uitoefening samenhangende meldingsplichten na te komen. 08-10-2013
- Hoge Raad In aanmerking genomen dat het etiketteringsvoorschrift zoals vervat in het ADR (Accord Européen relatif au transport international des marchandises dangereuses par route) ertoe strekt dat met het oog op een doeltreffende bescherming van mens en milieu snel en eenvoudig kan worden vastgesteld of gevaarlijke stoffen worden vervoerd en zo ja welke, geeft ’s hofs oordeel dat elke gevulde althans niet geheel lege drukhouder diende te zijn voorzien van een gevaarsetiket en dat zulks niet anders is doordat alle houders dezelfde stof bevatten en in dezelfde kooi werden vervoerd, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 08-10-2013
- Hoge Raad De bestreden uitspraak bevat geen toereikende vermelding van de bewijsmiddelen waaraan de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is ontleend, met weergave van de inhoud daarvan, voor zover bevattende voor de schatting redengevende feiten en onderzoek. De bestreden uitspraak is in zoverre ontoereikend gemotiveerd. 08-10-2013
- Hoge Raad Vervolg op ECLI:NL:HR:2013:3 waarin om een aanvullende conclusie is gevraagd. Slagende bewijsklacht met betrekking tot het opzet. 08-10-2013
- Hoge Raad Slagende bewijsklacht medeplegen. Conclusie A-G: anders (verbeterd lezen) 08-10-2013
- Hoge Raad Anders dan het middel wil heeft het hof niet de bewezenverklaring van feit 2 uitgebreid. Het middel klaagt terecht dat het hof het ten aanzien van feit 3 gevoerde strafmaatverweer niet heeft besproken, maar gelet op hetgeen ten verwere is aangevoerd en hetgeen het hof bij de strafoplegging heeft overwogen is het verzuim in het onderhavige geval van zo ondergeschikte betekenis dat het niet tot cassatie kan leiden. 08-10-2013
- Hoge Raad Het oordeel van het hof dat in casu geen sprake is van een gewijzigd inzicht van de wetgever omtrent de strafwaardigheid van de vóór de regelwijziging begane strafbare feiten geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. ’s Hofs oordeel is voorts toereikend gemotiveerd. 08-10-2013
- Hoge Raad Het hof heeft klaarblijkelijk noch in de uit het proces-verbaal ter terechtzitting in hoger beroep blijkende feiten en omstandigheden omtrent de persoon en de persoonlijkheid van betrokkene noch in de omstandigheid dat de betrokkene krachtens een bevel medebrenging onvrijwillig ter terechtzitting was verschenen, aanleiding gevonden voor nader onderzoek of de betrokkene – met het oog op waarborging van diens recht op een eerlijk proces – bijstand van een raadsman behoefde. Dat oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 08-10-2013
- Hoge Raad ’s Hofs vaststelling ‘dat verdachte reeds vier maal eerder is veroordeeld ter zake soortgelijke feiten’, waarmee tot uitdrukking is gebracht dat die veroordelingen ten tijde van het tenlastegelegde onherroepelijk waren, is niet zonder meer begrijpelijk aangezien het Uittreksel Justitiële Documentatie daarvoor geen steun biedt. 08-10-2013
- Hoge Raad De Hoge Raad verwijst naar ECLI:NL:HR:2013:885 wat betreft artikel 1 lid 2 Sr en vermindert de opgelegde geldboete in verband met de overschrijding van de redelijke termijn. 08-10-2013
- Hoge Raad Anders dan het hof heeft geoordeeld doet zich hier niet het geval voor dat het hoger beroep is ingesteld tegen een vonnis waarin de verdachte op andere wijze dan bij naam is aangeduid. De enkele omstandigheid dat verdachte in werkelijkheid anders is genaamd leidt niet zonder meer tot de niet-ontvankelijkverklaring van het ingestelde hoger beroep. 08-10-2013
- Hoge Raad Slagende bewijsklacht opzettelijk voordeel trekken uit de opbrengst van enig door een ander door misdrijf verkregen goed. 08-10-2013