Naar boven ↑

Update

Nummer 3, 2018
Uitspraken van 20-01-2018 tot 26-01-2018
Redactie: prof. mr. J.S. Nan en mr. C.L. van der Vis.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u een nieuwe SR Update aan. Klik hier om de pdf vanaf de website te downloaden.

Rechtspraak
De afgelopen weken is een aantal zaken verschenen waarop ik u graag wijs:

Kroongetuige (SR 2018-0040)
De verdediging klaagt namens de verdachte, ten aanzien van wie onder meer de voortgezette handeling van het medeplegen van de voorbereiding van moord en het medeplegen van uitlokking van poging tot moord, is bewezenverklaard, over het oordeel van het hof met betrekking tot de rechtmatigheid van de afspraak als bedoeld in artikel 226g Sv met de getuige en de betrouwbaarheid van diens verklaringen. Het hof heeft voor zover van belang, overwogen dat op 22 juni 2011 op de voet van artikel 226g Sv een overeenkomst is gesloten tussen de Staat der Nederlanden en de kroongetuige. In deze overeenkomst heeft de getuige zich verplicht tot het afleggen van verklaringen over een aantal strafbare feiten. Namens de Staat heeft de officier van justitie zich verbonden tot een vermindering van de strafeis tegen de getuige in diens strafzaak. Het uitgangspunt van de wettelijke regeling met betrekking tot de getuige aan wie toezeggingen zijn gedaan, zoals bedoeld in artikel 226g Sv, is dat de verklaring van een dergelijke getuige slechts tot het bewijs mag bijdragen, indien de afspraak rechtmatig wordt beoordeeld. De advocaten-generaal hebben, onder verwijzing naar hetgeen door de rechtbank is overwogen, geconcludeerd dat de overeenkomst rechtmatig is. De verdediging heeft de rechtmatigheid van de overeenkomst niet betwist.
Lees hier verder.

Lokfiets: niet-ontvankelijkverklaring in vervolging? (SR 2018-0042)
De advocaat-generaal klaagt namens het Openbaar Ministerie, dat niet-ontvankelijk is verklaard in een vervolging op grond van een diefstal, over het oordeel van het hof dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Het hof heeft daartoe overwogen dat de politie op 30 januari 2015 omstreeks 18.30 uur een lokfiets voorzien van een gps-tracker in de wijk De Haren te ’s-Hertogenbosch heeft geplaatst. Met een particulier beveiligingsbedrijf is de politie overeengekomen dat de meldkamer van dit bedrijf eventuele bewegingen van de lokfiets signaleert en doorgeeft aan de politie. In dit geval heeft deze meldkamer laten weten dat de lokfiets op zaterdag 31 januari 2015 van plaats is veranderd en dat de fiets zich bevond op een adres te ’s-Hertogenbosch. De politie is vervolgens met drie eenheden en voorzien van een machtiging tot binnentreden ter inbeslagneming naar dat adres gereden. Bij afwezigheid van de bewoner (verdachte) heeft de politie een ruit geforceerd en is zij binnengetreden. In de woning werd de lokfiets aangetroffen. Iets later is de verdachte, toen hij thuis kwam, aangehouden.
Lees hier verder.

Medeplegen opzettelijk uitlokken van poging tot moord (SR 2018-0043)
De verdediging klaagt namens verdachte, ten aanzien van wie medeplegen van medeplichtigheid aan en het medeplegen van het opzettelijk uitlokken van poging tot moord is bewezenverklaard, over de bewezenverklaring van het voor medeplichtigheid vereiste opzet. Het hof heeft ten aanzien van de bewezenverklaring overwogen dat het vaststelt dat de betrokkene op 21 juli 2010 getracht heeft het slachtoffer dood te schieten. Hij is daartoe naar de woning van het slachtoffer gegaan, en heeft, toen het slachtoffer de deur opende, een pistool getrokken en heeft de trekker overgehaald. Doordat het vuurwapen weigerde heeft het slachtoffer de aanslag overleefd. Het hof stelt voorts vast dat medeverdachten tezamen en in vereniging de betrokkene tot het plegen van de poging tot moord op het slachtoffer opzettelijk hebben uitgelokt. Zij hebben aan de betrokkene daartoe onder meer een beloning in het vooruitzicht gesteld, hem ondergebracht in een hotel in de buurt van de woning van het slachtoffer, hem die woning aangewezen en hem een doorgeladen vuurwapen met geluiddemper ter beschikking gesteld.
Lees hier verder.

Annotatie
‘De verdachte in deze zaak is door het Hof Den Haag veroordeeld wegens medeplichtigheid van diefstal (in vereniging) van drie containers. De containers behoorden tot een partij van 46 containers die waren gelost in de Rotterdamse haven en waren bestemd voor een bedrijf in Duitsland. Zij stonden alle op hetzelfde terrein opgeslagen. Verdachte zou per e-mail van een bedrijf de opdracht hebben gekregen de containers op te halen en naar dat bedrijf in Rotterdam te brengen…’, zo begint de recent geplaatste annotatie van J.M. ten Voorde bij ECLI:NL:HR:2017:3196, SR 2018-0027, waar ik u graag op attendeer.

Inzenden rechtspraak
Steeds vaker ontvangen wij van abonnees unieke rechtspraak. Dank daarvoor! Beschikt u ook over nog niet gepubliceerde rechtspraak, klik dan hier om uw uitspraak in te zenden.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar sr-updates@budh.nl.

Veel leesplezier.

Met vriendelijke groet,

J.H.J. Verbaan
Hoofdredacteur SR Updates